Met frisse tegenzin naar Tibet

Tashi delek iedereen,

Tibet, denken jullie dan ook aan: Disco paddo’s, Plastic palmbomen & Elektrische scooters? Nou ik wel. Maar daar later meer over. Ik ben dus naar Tibet gegaan, met frisse tegenzin. Tegenzin omdat Tibet nog steeds bezet is door de Chinezen. Ik denk dat het net zo is als er mensen op vakantie zouden zijn geweest in Nederland, tijdens de tweede wereld oorlog. Het lijkt me iets dat je niet doet. Maar de Dalai Lama geeft aan dat het goed is om naar Tibet te gaan, om te zien wat er aan de hand is. En fris omdat Tibet me eigenlijk wel altijd getrokken heeft. Alle boeken die ik er over gelezen heb, spreken me erg aan.

Geschiedenisles
Even wat geschiedenis van Tibet en China. Voor degene die er niet in geïnteresseerd zijn lees dit niet! Het is namelijk niet zo vrolijk. Van 1911 tot 1951 is Tibet een zelfstandig land geweest, met politieke relaties met andere landen. In de tweede wereld oorlog zijn ze zelfs neutraal gebleven. In 1949 is China een gedeelte van Tibet binnen gevallen. Daarna zijn onderhandelingen gestart tussen de Chinezen en de Tibetanen. Bij deze onderhandelingen is een Tibetaanse delegatie gedwongen om een overeenkomst te tekenen. Deze overeenkomst is nooit door de Tibetaanse regering geaccepteerd. Waarna de Chinezen de hele macht over Tibet overnamen. Wat doe je met een leger van 8.000 man tegen tientallen duizenden Chinese soldaten? De Chinese claimen recht te hebben op Tibet op grond van een verbinding uit 1713 (!!!!?????!!!). Dus lieve vrienden behoedt u, als ik goed opgelet heb tijdens geschiedenis, was de Franse overheersing over Nederland korter geleden. Dus ze hebben nog recht op Nederland……

In 1959 kwam er een volksopstand tegen de Chinese overheersing. Deze is door het Chinese leger zeer bloedig neergeslagen. Ook vluchtte de Dalai Lama uit Tibet om zeker te zijn van zijn leven. Hij woont nu in India, Mcleodganje. Later kwam de “culturele revolutie” zoals de Chinese het noemen. Voor zover ik het begrijp lijkt het meer op de kristalnacht…… Het rode leger heeft geprobeerd om alles te vernietigen, wat iets te maken had met Tibetaanse cultuur of religie. Zo werden kloosters in brand gestoken (6.254), heilige schriften verbrand en noem maar op. Mensen (vooral monniken en nonnen) werden opgepakt, gemarteld, verkracht en vermoord (een voorzichtige schatting gaat uit van 1,2 miljoen doden). De Dalai Lama werd tot staatsvijand nummer een benoemd. Ook de natuur moet het ontgelden, grote ontbossing, afschieten van vele diersoorten en andere roofbouw. En dit terwijl Tibet een ecologisch er belangrijk gebied is: de 4 grootse rivieren van Azië ontspringen in Tibet en ongeveer 47% (!) van de wereldbevolking is afhankelijk van het drinkwater uit die rivieren.

04A-002-30

En het goede nieuws is: het gaat nog steeds door tot op de dag van vandaag!!! Mensen die in Tibet voor hun mening uitkomen worden opgepakt en ondergaan de dingen waar jij en ik het bestaan niet van af weten en ook niet willen weten. Verder zet de Chinese overheid meer slinksere dingen in het werk om de Tibetaanse cultuur de nek om te draaien. Zo is het lager onderwijs nog wel in het Tibetaans, maar al het hogere inclusief de universiteit van Lhasa in het Chinees. Ook om een goede baan te vinden dien je goed Chinees te spreken. Een ander punt is de immigratie van Chinezen naar Tibet. Voor de invasie was de populatie van Lhasa (voormalige hoofdstad) zo’n 20 tot 30 duizend inwoners. Nu is de schatting ongeveer 200.000, merendeel Chinezen. De Tibetanen zijn dus een minderheid in hun eigen land!

04A-002-26

En wat doet de internationale gemeenschap? Weet jij het? Ik heb het gevoel dat de Dalai Lama een roepende in de woestijn is. George W Bush werpt zich op als de bevrijder van het Irakese volk. Maar het volk dat echt bevrijdt dient te worden, daar heeft ie geen oog voor. Misschien te weinig olie? En grote bedrijven doen gewoon zaken met China, stel je voor dat je marktaandeel verliest. Maar ach wat kunnen wij ervan zeggen. We hebben het zelfde gedaan met de Indianen in Amerika. Toen nog even overgedaan met de Aborigines in Australië en nog eens met de Maories in Nieuw Zeeland. He, bekijk het even van de zonnige kant: we kunnen de laatste Tibetanen gewoon in een reservaat stoppen en dan goedkope alcohol geven. Dan hebben we er weer een toeristisch attractie bij. Weer een cultuur minder en de wereld is weer een stukje meer eenheidsworst en eenvoudiger te begrijpen.

Oké, misschien begrijp je nu mijn tegenzin om naar Tibet te gaan. Maar wat kan ik er mee, ik weet het niet. Als iemand nog een goed idee heeft, laat het me weten. Laat ik maar overgaan naar mijn reisverslag.

Georganiseerd.
Ik moet met een georganiseerde tour naar Tibet, omdat je geen persoonlijke visa krijgt, alleen een groepsvisa. Zogezegd zo gedaan, we vertrekken op 10 januari naar Tibet, om dan in 5 dagen naar Lhasa te rijden. Daar wordt je dan gedumpt en mag jezelf je weg terug zien te vinden. We zijn James een Engelsman van 19 jaar, Boudewijn, Marcel en ik. Jawel 3 Nederlanders. We worden naar de grens gebracht en daar wacht een jeep ons op met een chauffeur en een gids. De gids is Lhamu een 22 jarige Tibetaanse. Maar eerst wordt onze temperatuur gemeten, door de douane beambte. Tot twee keer toe, stel je voor dat je Sars hebt. Na de controle wil ik naar het toilet en dan zie je gelijk het verschil tussen Nepal en China: het toilet is keurig tot de rand toe gevuld met….. laat maar, ik ga later wel.

04A-002-07

vlnr Lhamu, Boudewijn en Marcel

 

04A-002-19

Een lekke band is niks bijzonders in Tibet

Taalbarrière.
Die nacht brengen we door in Zhangmu. Marcel en ik gaan samen een restaurant binnen om wat te eten. En eh alles is in het Chinees, zowel het menu als de mensen, Engels hebben ze nog nooit van gehoord! Hoe ga je bestellen en zeg je dat je geen vlees wil? We gaan de keuken in en gebaren wat we willen en wat niet. We krijgen dus soep met vlees. Hoe eet je dat met drumsticks? En als we denken klaar te zijn met ons avondeten komt er nog een gang aan. Nu rijst met gebakken groente. Het smaakt goed maar, wat ik gegeten ik weet het niet.

Free Tibet
Het is gezellig in de jeep. De drie Nederlanders zitten achterin en kletsen de hele tijd. James zit samen met Lhamu op de passagiers stoel en de bestuurder rijdt vrolijk door. En wij pesten Lhamu met de opmerkingen dat we “Free Tibet” T-shirts hebben en die gaan aan trekken. Ze is duidelijk van slag en bang dat we het doen. Misschien is de Nederlandse humor niet voor iedereen begrijpbaar. Op de vraag of er onderwerpen zijn die niet besproken mag worden, zwijgt ze.

Chinese werkelijkheid
Onderweg bekijken we een aantal kloosters en tempels. Het is schitterend! Lhamu verteld van alles over de bezienswaardigheden. We zien een goed voorbeeld van de Chinese werkelijkheid. We zijn in Shigatse en bezoeken daar het klooster van de Panchen Lama. De op een na hoogste Lama (na de Dalai Lama). De tiende Panchen Lama is in 1989 overleden. Toen is op de Tibetaanse manier gezocht naar zijn reïncarnatie. In 1995 is de elfde Panchen Lama gevonden, een 6 jarige jongen. Binnen een maand is de jongen door de Chinese overheid in beslag (?) genomen. Lhamu vertelt de Chinese waarheid, dat hij studeert in Beijing. (Zou niet weten wat een Tibetaanse monnik in China zou moeten studeren, maar dat ter zijde). Ik ben in India geweest, waar de Dalai Lama woont. Daar hangen overal posters dat ze niet weten waar de elfde Panchen Lama is en dat ie de jongste politieke gevangenen is in China, al bijna 10 jaar! De mening van mensen op straat is dat hij al lang vermoord is door de Chinezen. Misschien wordt het weer eens tijd voor een brief van Amnesty International.

De reis door Tibet is prachtig. We rijden veel al op een plateau omringd door hoge bergen. Het is allemaal bruin, geen bomen en geen sneeuw. We zien ook verschillende wilde dieren zoals herten, konijnen en zelfs een wolf. We komen een herder tegen met schapen en waarschuwen hem voor de wolf. Er zijn hier en daar kleine dorpjes met Tibetaanse huizen. We kijken onze ogen uit, al die mensen in traditionele klederdracht. En ze glimlachen ook nog allemaal. Onderweg zie je ook weer de Chinese aanwezigheid: veel controles van paspoort en vergunningen.

Vlaggetje
James heeft een vlag van Tibet bij zich. Zo eentje die je op je rugzak naait als je in een bepaald land bent geweest. Onze reisleider en bestuurder schrikken daarvan en zeggen dat die niet vertoond mag worden. En dan komen we in Lhasa. We nemen afscheidt van Lhamu en onze bestuurder. Na een half uur is de bestuurder weer terug. James heeft wat in de auto laten liggen. De bestuurder fluistert in mijn oor of hij de vlag van Tibet mag hebben. Ik zeg dat hij dat aan James moet vragen. En dat doet hij. Hij krijgt de vlag en is als een kind zo blij. Kan je na gaan, hij durfde het niet aan James te vragen terwijl Lhamu er bij was, want wie weet is zij wel een spion voor de Chinezen….. Hoe maak je mensen gek.

Verschil Tibet & China
Als kleine verzetsdaad willen we alleen in Tibetaanse hotels overnachten en in Tibetaanse restaurants eten. Lhamu moest daar altijd wel om lachen. Maar wat kan je doen? Op die manier sponsoren we de lokale bevolking een beetje en niet de bezetters. Lhasa is eigenlijk in twee delen gesplitst een Tibetaanse wijk en de Chinese nieuw bouw. En hoe herken je het verschil? Eeehh, de Tibetaanse huizen zijn vaak wit bepleisterd met versierde deuren, deurposten, ramen, pilaren en hebben een gordijn voor de deur hangen. Gewoon een genot om te zien. De Chinese gebouwen zijn kil met badkamertegels beplakt en hebben veelal blauwspiegelende ramen. Zeg maar, geen enige uitstraling dan…….. Ik zou het niet weten. Ook tussen de mensen merk je een groot verschil. Wie denk je dat de prettigste mensen zijn, de onderdrukt of de bezetters? Wel, als je bv een Chinese winkel binnen stapt en iets in het Engels vraagt en ze verstaan het niet, halen ze de schouders op en negeren je dan verder. Kom je bv in een Tibetaans klein restaurantje en ze spreken geen Engels, dan bellen ze een vriend die in de buurt woont. Hij komt langs neemt de bestelling op, maar een praatje, verteld wat je moet betalen en gaat weer weg. Ongelofelijk hoe de Tibetanen met hun bezetters omgaan. Je merkt de Boeddhistisch houding: “Eer je vijanden want zij geven je de gelegenheid om te groeien!”

04A-004-24

Disco paddo’s
Op een dag loop ik door de Chinese wijk. Ze hebben paddenstoelen in de winkelstraat gemonteerd en daar komt harde Chinese muziek uit. De meeste bomen zijn verwijderd en er zijn plastic palmbomen (?!?) voor in de plaats gekomen. Je ziet Chinese vrouwtjes op elektrische scooters voorbij rijden. Het geheel heeft de uitstraling van een pretpark, maar dan zonder pret. Ik word erg depressief van de hele aanblik. Dit heeft helemaal niks te maken met Tibet. Ik krijg de neiging om “Free Tibet” te gaan roepen en een eenmansactie te gaan doen om de Chinezen het land uit te krijgen. Maar ik heb jullie beloofd om veilig naar Nederland terug te keren en dan is zo’n actie niet echt bevorderlijk. Gelukkig kom ik weer in het Tibetaanse gedeelte: zoveel glimlachende mensen, onvoorstelbaar! Daar word ik weer vrolijk van.

04A-004-13

Plastic palmbomen in Lhasa

Buiten het seizoen
We zijn in het laag seizoen, dat houdt in, ‘s nachts heel erg koud en weinig buitenlandse toeristen. Maar ook schoolvakantie voor de Tibetanen, dus veel Tibetaanse mensen die van het platteland naar Lhasa komen voor een pelgrimstocht. Een gedeelte van de tocht is rondjes lopen rond het Jokhang, een van de belangrijkste tempels van Tibet. Ik loop vaak tegendraads tegen de stroom in. En wat je dan ziet is ongelofelijk. Het is eigenlijk niet te beschrijven, ook niet op foto vast te leggen. Ik ga het toch proberen. De meeste mensen zijn in traditionele klederdracht, bv van die Tibetaanse/Mongolse jassen, langharige teddybeer stof aan de binnenkant, en prachtig bewerkt aan de buitenkant. Als het wat warmer wordt trekken ze een mouw uit en knopen die vast. De mouwen zijn trouwens tot op knie lengte, erg handig, geen koude vingers meer en kleine kinderen lopen niet meer met hun arm uit de kom om pappa (mamma) vast te houden. Veel mannen hebben lang haar met een vlecht en daarin een rode nep vlecht. De mutsen zijn zo bont en soms zo groot dat je een hoofd bijna niet ziet. Ook de vrouwen zijn voorzien van allerlei sierraden, veel blauwe en gele stenen in hun haar. Veel mensen lopen met een gebedstrommel die ze laten ronddraaien om zo doende het Tibetaanse gebed de lucht in te laten gaan. En de gezichten, van de jonge mensen mooi glad met glanzend zwart haar en van de oudere verweerd tot bijna leer, grijze haren. De gezichten hebben een ding gemeen: die glimlach!

04A-005-19

Tibetanen
Hoewel ongeveer 80% van de Tibetanen in traditionele klederdracht loopt, ben ik toch weer de hoofdzakelijke toeristische attractie. Iedereen kijkt naar mij en groet mij. Ze beginnen spontaan een praatje of lopen een heel stuk met je mee. James en ik worden een keer uitgenodigd om met 3 meiden mee te gaan naar hun huis. 1 van hun spreekt Engels de andere twee niet. We gaan mee, ze wonen in een kleine kamer met een keukentje. We worden volgegoten met speciale thee en hebben veel lol. Een ziet James wel zitten maar zij spreekt geen Engels. We geven haar een Engelse les. De Engels sprekende dames wil wel met mij trouwen om naar Engeland te gaan? Maar als ik haar uitleg dat ik terug ga naar Nederland en dat ze dan Nederland moet leren, is haar enthousiasme een stuk minder. Kortom een leuke ervaring. Ook loop ik met Marcel op straat en dan gaan mensen spontaan naast hem staan springen. Ze willen dan even groot zijn als hem, Marcel is namelijk 1 meter 95. Of ze beginnen spontaan te lachen en zeggen dat hij de beste is. We worden een keer aangesproken door twee kleine kinderen of ze Engels mogen oefenen. Eerst denk je dan aan bedelaars of een verkoop techniek. Maar deze twee hebben Engels geleerd van hun opa en willen het echt oefenen. Zij is 8 en hij denk ik iets ouder. We knielen naar om een gesprek op gelijkwaardig niveau aan te gaan. Het is schitterend om te zien met hoeveel trots de twee kinderen Engels praten. En hoe goed, ze worden maar af en toe geholpen door opa. Voor we het weten staat er een hele groep Tibetanen om ons heen lachend te kijken wat er gebeurd. En dan komt natuurlijk de Chinese overheid, in de vorm van een politieman, even kijken wat er aan de hand is. Free Tibet actie? Als hij ziet dat het onschuldig is, gaat hij weg en komt toch nog regelmatig een oogje in het zeil houden.

04A-004-37

In het klooster
We ontmoeten een monnik, Thubten, en hij stelt voor om samen met hem naar een klooster te gaan. Het is een stukje rijden en dan 3 uur naar boven lopen. Zo gezegd zo gedaan, James, Marcel en ik gaan mee. Boudewijn is namelijk al naar Nepal terug omdat hij weer naar Nederland moest. De wandeling is pittig en Thubten druk en uitgelaten als een jonge hond. Het klooster is half in de bergen gebouwd. We kunnen slapen in de gastenkamer, met genoeg kieren tussen de ramen om de kwade geesten weg te laten waaien. Er ontbreken zelfs een aantal ramen, maar ach, twee slaapzakken en twee dekens brengen uitkomst. De volgende ochtend lopen Marcel en ik met onze monnik de pelgrimstocht door de bergen. James heeft ons om 7 uur verlaten omdat hij het vliegtuig naar China moest halen. Langs allerlei grotten waar de gelovige kleine afbeeldingen van Boeddha neerleggen. Dan lopen we terug naar de hoofdweg om de bus te pakken naar Lhasa. Navraag hoe laat en of er een bus komt, levert niks op. We vragen aan een boer of we met hun mee mogen rijden. Ze gaan met twee hooi wagens naar Lhasa en op de ene zit de familie boven op het hooi en de andere is leeg. Het mag. We klauteren op de 3 meter hoge hooiberg. Dit is de moderne vertaling van paard en wagen. Dat moet je als volgt voorstellen: een motorblok op twee wielen met trekhaak, twee stangen met daarop de gas en versnelling. De boer heeft de stangen vast en bestuurd zo de wagen. Het gaat goed en dan komt de eerste bocht. Er is niks van stuurbekrachtiging, door met pure spierkracht kleine rukken te geven, kan hij de tractor de bocht om krijgen. Eerst gaan we langzaam berg opwaarts, we genieten van het uitzicht. En dan gaan we berg afwaarts en dat gaat heel wat sneller. Vol afgrijzen zien we de volgende bocht op ons afkomen, halen we het? Voor ons gevoel gaan we op twee wielen door de bocht en dreigt de hooiberg om te vallen. Thubten is bang en klampt zich aan Marcel vast. We redden het. Als ik dan eens nuchter na ga hoe hard we rijden, blijken we nog langzamer te gaan dan ik op mijn fietsje. Overal waar we langs komen lachen de mensen om die gekke toeristen en de monnik op de hooiberg. Wij zwaaien en lachen terug, ik lijk wel de koningin.

04A-003-17

Blindenschool
Ik heb geen project van Plan te bezoeken in Tibet. Dus wat doe je dan met je maatschappelijk bewustzijn? Ik ben op zoek gegaan naar de blindenschool van Sabriye Tenberken. Huh, wie, wat, waar, zullen jullie wel denken. Sabriye nooit van gehoord. Nou als jullie denken dat ik toch wel erg stoer ben, zo alleen op reis. Dan moet je het boek van Sabriye eens lezen, dan ben ik maar een watje. Trouwens een ontzetten goed boek (Mijn weg leidt naar Tibet), de moeite waard om te lezen. Sabriye is een Duitse en ze is blind. Ze wilde Tibetaans studeren en iedereen rade het haar af. Ze is het toch gaan doen. Er was 1 probleem er is geen braille schrift voor de Tibetaanse taal. Die heeft ze maar zelf even ontwikkeld. Daarna wilde ze ALLEEN op reis naar Tibet en iedereen rade het haar af. Ze is toch gegaan. Opzoek naar blinden kinderen op het platteland in Tibet. Ze vindt ze aan bed gekluisterd om zich niet te bezeren, tot werkzaam als herder. Ze gaat terug naar Duitsland en besluit om geld in te zamelen om een blindenschool te beginnen. Iedereen rade het haar af…. Je snapt het al, de school is er en het is een groot succes.

We vinden de school en worden hartelijk ontvangen door een aantal blinden kinderen. Het is schoolvakantie en de meeste kinderen zijn naar hun ouders. Er kunnen maximaal 30 kinderen wonen en nu zijn er ongeveer 8 kinderen die van te ver weg komen om naar huis te gaan. Sabriye en Paul (Nederlandse vriend) zijn niet aanwezig. De leraar die normaal de rondleiding doet is ook weg. Een andere medewerker leidt ons rond. De kinderen zijn ongeveer tussen de 5 en 16 jaar. De hele school is ontworpen door Paul en ziet er gezellig uit. Ze hebben een dakterras en een “speeltuin”. Ook loopt er een waakhond rond en onze gids is bang voor hem. De kinderen leren het braille schrift en hoe ze zich in het dagelijkse leven kunnen redden. Ook wordt er gewerkt aan het leren van een beroep. Onlangs zijn er twee studenten “afgestudeerd” en een blinde massage salon begonnen. Ze hebben een aantal braille typemachines en zelfs een computer met braille leesregel. Verder maken ze zelf braille lesboeken met behulp van een speciale printer. Diep onder de indruk verlaat ik de school. Ongelofelijk wat 1 persoon met veel passie kan bereiken. Nu zijn ze bezig om meer blindenscholen te openen in o.a. India en Birma en een blinden boerderij in Tibet om kinderen te leren hoe ze boer kunnen worden. Voor wie meer informatie wil hebben kijk op

www.braillewithoutborders.org/Tibet_nl.html

Wintersport
De terugreis, het openbaar is niet zo goed geregeld. Een aantal grote steden zijn makkelijk te bereiken maar de grensplaats wat moeilijker. Een andere mogelijkheid is met een jeep terug te gaan. In de meeste hotels hangt er wel een prikbord met briefjes van mensen die medereizigers zoeken om een jeep te delen. Zo komen wij in contact met Hai Ying (of terwijl Tina) een Chinese van onbekende leeftijd. Trouwens een ex collega van mij, werkte voor IBM in Beijing, dit ter zijde. We vinden ook een jeep die ons voor een redelijk bedrag naar de grens brengt met 5 passagiers. We vertrekken de volgende dag om 5 uur in de morgen. Wie dacht dat reizen vakantie was? We blijken met 2 jeeps te gaan om ook nog toeristen op te halen bij de grens. Het duurt even voordat iedereen aanwezig is dus we vertrekken pas om 6 uur. We rijden door en als we tegen de middag in een stadje aankomen gaan Tina, Marcel en ik lunchen. Toch handig om een Chinees sprekend iemand bij ons te hebben. Tina spreekt ook goed Engels, dus mag ze tolken. Als we terug komen blijkt dat de toeristen afgezegd hebben en dat 1 jeep terug gaat naar Lhasa. Alle passagiers worden in onze jeep gepropt. Nu zitten we met 7 passagier in de jeep! Dit was niet de afspraak en een verhitte discussie volgt, Tina maar vertalen. Uiteindelijk krijgen we korting en gaan op pad. De twee grootste moeten voorin: Marcel en ik en achterin zitten 5 kleine vrouwen als sardines in blik. Behalve Tina hebben we nu 4 Tibetaanse schonen bij ons. We overnachten in een klein plaatsje.

De volgende ochtend roept Marcel, als hij naar buiten stapt, “Oh het heeft gesneeuwd, wat mooi.” Ja, het is zeker mooi in een lager gelegen dorpje, maar hoger in de bergen wordt het mooie toch iets anders. Begrijp me niet verkeerd, de bergen zijn echt fantastisch mooi met een beetje poedersuiker erop. Alleen de weg in nauwelijks te zien. We vorderen dus ook maar langzaam. En na een tijdje gebeurt het onvermijdelijke. Om een sneeuwhoop rechts te ontwijken, rijdt de bestuurder naar links en net iets te ver. We raken met de linker wielen in de greppel en de jeep kan daar niet zelf uitkomen. Nu wordt het tijd voor het echte handwerk: graven en duwen. Aangezien we maar 1 schep bij ons hebben, houden de passagiers zich vooral bezig met sneeuwballen gevechten. Na een lange tijd moeten Marcel & ik duwen terwijl de rest in de jeep zit. En het lukt ons om de jeep uit de greppel te krijgen. Marcel en ik staan juichend te kijken hoe de jeep weg rijdt en verder en verder. Hij gaat naar rechts om het midden van het pad te vinden en meer naar rechts om???? He, wat gaat hij doen en ja hoor nu raakt hij met zijn rechter wielen in de andere greppel. Oen! Nu gaan de vrouwen zich er mee bemoeien en er wordt hard gewerkt om de jeep weer op het rechte pad te krijgen. We zijn er weer een tijdje mee zoet, maar het lukt om met vereende krachten de jeep uit de greppel te duwen. Hup, met zijn alle weer instappen en de weg vervolgen.

Ingesneeuwd
We gaan langzaam maar zeker hoger en hoger de bergen in. Het sneeuwt nu onophoudend. Uiteindelijk bereiken we Nyalam, daar staan vrachtwagens op de weg stil. We rijden met de moed der wanhoop om heen. Dan stopt de bestuurder, zegt niks, stapt uit en loopt weg??? Iedereen verbaast achterlatend. Na een tijdje komt hij terug: “De weg is afgesloten, we moeten hier een aantal nachten blijven” “Hoelang?” “Geen idee, kan wel even duren.” Dit gesprek ging in het Chinees, maar ik zal dat niet proberen te herhalen. En dat is het dan, in een bijna helemaal Chinese nederzetting, je weet wel van die mooie gebouwen. We lunchen en ontmoeten andere gestrande reizigers. Met hun vermaken we ons. De vooruitzichten zijn slecht, zolang het blijft sneeuwen, maken ze de weg niet schoon. We kunnen niks doen dan wachten en we verbazen ons erover hoe luchtig iedereen het opneemt. Marcel, Tina en ik zijn op vakantie, maar andere moeten werken. Hier kunnen we iets van leren, je zou dat in Nederland hebben……. dan is de wereld te klein. Ach, we brengen onze tijd door met kletsen. En ontmoeten een Tibetaanse man, die ons bij hem thuis uitnodigt. Hij heeft een klein appartement, dat zwart ziet van de rook. Ze hebben geen centrale verwarming en stoken een houtkachel in de kamer. We maken kennis met mister Knie, mister BN en mister Pooh. Tina mag weer tolk spelen. Het wordt pas echt leuk als ze over voetbal beginnen, mister Pooh speelde in het Tibetaanse team. Waarop ik zeg: “Oh hij speelt in het nationale elftal.” “Nee”, krijg ik het vinnige antwoord van Tina “Tibet behoort bij China! Het is geen nationaal elftal.” Later zegt Tina:”Tibetanen zijn goede spelers, omdat ze van hoger gelegen gebieden komen.” Ik kan het niet laten en merk op “Oh dus het nationale team van Tibet heeft het Chinese nationale team verslagen?” Het huis is te klein…..

De volgende ochtend is het opgehouden met sneeuwen en we zien de bulldozers op weg gaan om de 20 kilometer naar de grensplaats sneeuwvrij te maken. Ik droom al van het warme Kathmandu en pizza’s. Helaas niks is minder waar. De weg wordt niet vrijgegeven. We maken een wandeling en ik krijg het wintersport gevoel. Links en rechts een metertje sneeuw met prachtig uitzicht. Waar zijn mijn lange latten???? Als we gaan slapen is het al 3,5 graden onder nul in onze slaapkamer. De ijsbloemen staan op de ramen. De dag daarna worden we gewekt door gebons op de deur. “Opstaan we gaan op pad”. Snel inpakken en dan ontbijten. De bulldozers hebben 1 rijstrook vrijgemaakt met aan weerskanten een berg sneeuw van een halve meter tot een meter hoor. De jeeps, ongeveer 8, kunnen alleen achter elkaar aanrijden. En dat doen ze ook. Wij moeten het eerste stuk lopen omdat dat bergopwaarts is en de sneeuw iets te glad. De jeeps kunnen de volle bepakking niet aan. Bij de benzinepomp zouden we opgepikt worden. Helaas een stuk van de weg is geen sneeuw maar vieze drap. De bestuurder van de voorste jeep heeft zo zo’n twijfels. Maar hij probeert het toch met als resultaat dat hij bijna een yak schept en vervolgens vast komt te zitten in de natte sneeuw. Yep weer tijd voor fysieke inspanning. Iedereen help, overal komen de schoppen vandaan, hand en andere hulp middelen. Het resultaat is dat de jeep vaster en vaster komt te zitten. Geen enkele jeep kan nu passeren. Tina & ik gaan op zoek naar de sneeuwschuiver, maar de man geeft aan dat hij alleen maar sneeuw schuift en geen ijs???? We moeten ons bij een ander bureau melden. Zogezegd zogedaan. Hij meldt dat ze pas na twaalf uur eens gaan kijken. Terug bij de jeep, zijn ze nog steeds bezig om jeep nr. 1 uit de benarde positie te bevrijden. Nu met kriks en sleepkabels. Uiteindelijk lukt het met behulp van zo’n 20 man om de jeep los te trekken en volle vaart rijdt hij achteruit terug naar de begin positie. Tijd om te gaan lunchen, zijn de hele morgen dus niks opgeschoten.

Tijdens de lunch wordt het kleine stukje weg sneeuw vrij gemaakt. En na de lunch vertrekken we. Er is een rijstrook vrij, met hier en daar een tweede strook om tegenkomend verkeer te passeren. Dat gaat goed tot een van de tegenkomende jeep, halverwege die ene strook zonder benzine komt te staan. Het blijkt ook nog eens het internet vriendje te zijn van een van onze Tibetaanse dames. Ze hebben afgesproken om elkaar voor het eerst te ontmoeten. De hilariteit onder onze bestuurders is groot en zij schaamt zich. Ook het passeren van vrachtwagens gaat heel moeizaam. Over 20 kilometer doen we de hele middag, we komen pas tegen de avond in Zhangmu aan. We besluiten om hier te overnachten. We zijn trouwens door twee Tibetaanse vrouwen uitgenodigd om bij de kapsalon langs te gaan waar ze werken. Dat doen we en ze geven het advies om bij de buurvrouw te gaan eten, wel een Chinees maar ach. Het is trouwens erg leuk om met Tina te reizen, want dan hoor je de Chinese kant van het verhaal. Ze weten nauwelijks van wat er in Tibet afspeelt en hebben het idee dat Tibet echt bij China hoort. We eten HotPot, zeg maar een soort soep met veel ingrediënten en die haal je eruit en eet je op. We hebben een vis hotpot en die is erg hot, zelfs twee cola’s kunnen het niet blussen.

Nieuw kapsel
Als we om half twaalf buiten komen is de kapsalon nog steeds open. We gaan naar binnen en ik ga in de kappersstoel zitten. Na 7 maanden niet naar de kapper geweest te zijn is het tijd voor een nieuw kapsel. Ik weet niet hoe het komt, misschien is het de taal barrière, of misschien had ik de dames niet moeten bekogelen met sneeuw, of misschien was het niet slim om in het land van de Dalai Lama naar de kapper te gaan, of misschien was de kapster iets te eigenwijs. Maar na een uur wordt ik toch geknipt en het resultaat is…..eeehh…anders. Voel me nu thuis tussen de monniken. Ach, ik ben nu in ieder geval mijn wilde haren kwijt. En zoals ze zeggen een vos verliest wel zijn haren, maar niet zijn streken….

 

Nieuw kapsel
Dat nieuwe kapsel is even schrikken!

Tibet een geweldig land ondanks de bezetting van China. Ongelofelijk om te zien hoe de mensen ondanks alles vrolijk blijven. En grappig om te merken dat je de Chinezen niet over 1 kam kan scheren (die heb ik niet echt meer nodig) door met Tina te reizen. Ik denk wel dat het heel erg noodzakelijk wordt om Tibet weer als een zelfstandig land te krijgen. Want als het zo door gaat is er niks meer van de Tibetaanse cultuur over.

Zo dat was het weer voor vandaag. Ik moest het even kwijt. Vinden jullie het nog steeds leuk om dit soort verhalen te krijgen??? Of neemt het te veel tijd in beslag om te lezen? Ik vermaak me in ieder geval prima met het schrijven, dus blijf ik jullie er mee lastig vallen.

Groetjes vanuit Kathmandu
Frank